Natuurlijk groenbeheer

Duurzaam Bovensmilde zet zich ook in voor natuurlijk groenbeheer. 

 

Door moderne landbouw met een sterke voorkeur voor biljartlaken-groene weiden en gewassen die niet ‘vervuild’ zijn met ‘niet nuttige soorten’ neemt de soortenrijkdom op alle terreinen al jaren af. Over pesti-, herbi en insecticiden gebruik wil ik hier niet beginnen kortheidshalve. De bodem wordt al met al minder vruchtbaar. De vatbaarheid voor plantenziektes en – schimmels zal daardoor verder stijgen. Dat is veel erger dan we ons realiseren en uiteindelijk ook gevaarlijk voor de mens zelf. Zo raakt de keten van groei en bloei verbroken: door afname van plantensoorten en diversiteit van het bodemleven nemen ook de diversiteit van insecten en wormen af. Veel insecten – o.a. bijen, vlinders – zijn afhankelijk van specifieke plantensoorten die bedreigd worden. Dat heeft weer gevolgen voor amfibieën, vissen, hagedissen en vooral (toch al bedreigd door landbouw bestrijdingsmiddelen) vogels. Door dit alles neemt het belang van schaarse ‘wilde’ natuur toe. Maar ook het belang van bermen en door de gemeente beheerd openbaar groen voor het overleven van planten – en insectensoorten neemt toe. DBS eo neemt initiatieven om de soortenrijkdom te vergroten, zoals bijv. de bloemenweelde in de Brinkbaru . We willen ook de gemeente en de provincie beïnvloeden, zodat het beheer van groen natuurlijk gedaan wordt. We willen dat er minder gemaaid wordt, wisselmaaien toegepast wordt, waarbij er gedeeltes niet en een volgende keer wel gemaaid worden, alleen gemaaid wordt wat nodig is en dat men bij het maaien rekening houdt met bloei- en zaadvorming en insectenleven.

In de Smildeger Neiskrant staan in onze column wekelijks  omschrijvingen van planten die voorkomen aan onze Vaart.
Hieronder een aantal:
Wolfspoot
De komst van de wolf naar onze contreien hoor je de laatste jaren vaker verkondigen. Dit terwijl zijn poot al lang aan onze Vaart is te vinden! Deze week: de wolfspoot! Een plant van sloten, vaarten, vochtige bossen en moerassen. De wolfspoot is een waardplant voor verschillende bladmineerders. Bladmineerders zijn larven van insecten (vliegen, motten, vlinders, kevers en zaagwespen) die gangen graven in het blad van planten. Elke bladmineerdersoort graaft zijn gang op een kenmerkende manier. Terug naar de plant zelve: de kleine bloemen – wit met paarse stippen – staan in een krans in de bladoksels aan de stengel. De plant bevat looistoffen en bitterstoffen. Vroeger bezaten onze groenten veel meer bitterstoffen (denkt u maar eens aan de witlof en komkommer: die waren vroeger aanzienlijk bitterder). Ze bevorderen uitscheiding van maagzuur en gal en daardoor de eetlust. In één moeite door zijn deze stoffen ook goed voor de spijsvertering. Extracten van de plant worden vanwege deze looi- en bitterstoffen nog steeds verwerkt in medicijnen om schildklieraandoeningen (o.a. overmatige productie van jodium) te bestrijden. Dat zou je toch niet zomaar verwachten van een plantje dat gewoon langs onze Vaart groeit. Tja, wie zich wil verwonderen hoeft alleen maar wat verder te kijken! Dat is wat ik u toewens in 2015!
Boerenwormkruid
Nu het jaar op zijn laatste benen loopt, wil ik met een gele zomerbloeier een klein lichtje in de duisternis ontsteken. Boerenwormkruid: tanacetum vulgare. Tanacetum is vermoedelijk (niets is zeker in dit leven) afgeleid van het Griekse woord ‘athanasia’, en dat betekent ‘onsterfelijkheid’. Dat heeft waarschijnlijk (idem) te maken met het feit dat deze plant ondanks zijn lange bloei de naar okergeel neigende kleur behoudt. ‘Vulgare’ betekent: algemeen voorkomend en dat is ook in de Smildes langs de Vaart te zien. Boerenwormkruid wordt tot de zogenaamde ‘kompasplanten’ gerekend: de bladeren richten zich bij vol zonlicht naar het Zuiden. De bladeren zijn bezet met klierharen, die bij aanraking een kamfergeur verspreiden. Hebt u last van mieren? Die houden niet van deze plant en deze werd vroeger dan ook bij de keukendeur geplant. Maar ik wil hierbij wel aantekenen dat er veel meer insekten zijn die boerenwormkruid liefhebben. Een stoet rupsen leven en allerlei soorten wilde bijen vliegen op deze plant: grasbij, koolzwarte zandbij, pluimvoetbij en tronkenbij. Dat simpele feit verlicht het gemoed van ondergetekende. Meer interessante wetenswaardigheden over deze plant via mijn voorkeursbron Wikipedia (het moet maar weer eens gezegd worden).
Heide/ dopheide
In deze donkere maanden leek het me goed om eens een echte hoogzomersoort te behandelen: erica. En wel twee leden van de heifamilie: dopheide (foto) en gewone heide. Want die zijn beide te bewonderen aan de Vaart. Ook nu nog, zij het uitgebloeid. Hei is een dwergstruik. Al zijn er wel uitwassen, zoals de boomheide en de bezemheide (niet langs de Vaart!). Het is een soort die voorkomt op (arme) zandgronden. De grote boomloze heidevelden zijn ontstaan door intensieve schapenteelt in de Middeleeuwen: toen dus ook al! Maar dat uit iets ‘kwaads’ toch iets ‘goeds’ kan voortkomen moge wel blijken uit de gepaste waardering voor de heidevelden in onze nabije omgeving: het Hijkerveld, het Witterveld, het Leggeloerveld. Het mooiste stukje is toch wel het Smildegerveen met het prachtige esmeer en petgaten. Als de bodem natter wordt, krijgt de dopheide de overhand. Die houdt van natte voeten. De heide wordt overal in Nederland bedreigd door uitstoot van voedingsstoffen en verzuring. Dit draagt bij aan de vergrassing. De biodiversiteit – soorten mossen, vlinders en bijensoorten – neemt af. Maar, om even positie af te sluiten: langs de Vaart neemt het aantal heidepollen (dop en gewoon) toe, althans voor de oplettende waarnemer. Stel u eens voor hoe die straks staan te bloeien!
Moerasspirea
De moerasspirea groeit vooral op vochtige plaatsen, zoals in ruigtes, nat grasland, bossen, slootkanten, elzenbroekbos en rietvelden. En dus langs onze Vaart! De bloemen groeien in trossen van juni tot ver in september. Die bloemen zijn roomwit en geuren naar amandel. Je proeft als het ware al een beetje de marsepein – die hoort bij begin december – bij de woorden ‘room’ en ‘amandel’. Of niet? De vruchtjes zijn ook de aandacht van weer een ander zintuig meer dan waard: spiraalachtig gewonden! Bij onze oosterburen heet deze plant mädesuss en bij onze westerburen – even over de plas – meadowsweet. Dat klinkt wel even anders dan ‘moerasspirea’. Vroeger werd de plant gebruikt als middel tegen gal- en nierziekten, maar ook tegen jicht en zenuwpijn. De bladeren en bloemen werden gedroogd om thee van te trekken die bij koorts gegeven werd. De heilzame werking wordt toegeschreven aan verschillende aspirine-achtige verbindingen zoals isosalicine, dat in de bloemkoppen te vinden is. Dit meld ik zoals altijd met het voorbehoud: ga eerst even langs bij uw dokter!
Sint janskruid
Sint-janskruid (hypericum perforatum) bloeit rond het Sint Jansfeest, op 24 juni. De zon staat dan op zijn hoogst. Sint Jan wordt ook wel de heilige van het licht genoemd. Ja, dat is nu wel anders: de dagen worden korter en het licht neemt af. Het is niet ondenkbaar dat het sombere weer ook zijn weerslag op uw gemoedstoestand heeft. Misschien dat juist nu deze plant u een beetje kan opbeuren met zijn gele bloemen die herinneren aan de zon. Maar er is meer: extracten van de deze plant hebben antidepressive effecten. Dat is door serieus wetenschappelijk onderzoek bevestigd. De rode olie die de plant bevat heeft voor veel legendevorming gezorgd. Bij de oude Germanen zou het het bloed zijn geweest van Baldur, de Germaanse God van de Natuur, de Zomer en het Licht. Maar ook het bloed van Wodan nadat hij door een everzwijn was verwond. De bijnaam “jaag den duvel” geeft aan dat sint-janskruid volgens overleveringen vroeger ook wel als afweerkruid werd gebruikt om zich te beschermen tegen hekserij, magie of andere mogelijke gevaren. Nou als dat niet genoeg is om u wat lichter te stemmen.
Glidkruid
Is andoorn, onderwerp van vorige column, in het oogspringend, het glidkruid is dat niet. Het is ook een lipbloemige. Om het plantje te ontwaren moet je goed uit je doppen kijken: het is nietig. Maar dat neemt niet weg dat het echt een mooi plantje is! De blauwe kleur helpt wel om hem te detecteren langs de Vaart. Soms tref je het aan op een onwaarschijnlijke plaats: bijv groeiend uit een scheur in een kademuur. Het is een plant van om en nabij het water. Hij bloeit in de zomer; aan de bovenkant heeft de bloem een violetkleur en aan de onderkant is hij blauw. Een van de bijna 200 soorten glidkruid behoort tot de 50 meest gebruikte geneesplanten in de Chinese geneeskunde. Het wordt in China 黄芩 , spreek uit: huang qin, genoemd. Glidkruid is sinds lange tijd onder de mensheid bekend als geneeskruid. Het is een antiallergeen, werkt ontstekingsremmend en heeft anti-bacteriële eigenschappen. Een wetenschappelijk onderzoek gedaan aan de universiteit van Wenen heeft in 2011 uitgewezen dat glidkruid kankercellen doodt en gezonde lichaamscellen ongemoeid laat. Een zelfde conclusie werd ook al in 2002 getrokken middels een onderzoek van de New York University. Als je sites op internet mag geloven benadert dit plantje (met name de wortelstok) het ideaal van een panacee!
Moerasandoorn
Vandaag wil ik u verhalen over de moerasandoorn, een plant behorend tot de lipbloemenfamilie. In Nederland tref je naast de moerasandoorn aan de akker en de bosandoorn. Gek genoeg geeft wikipedia – een belangrijke bron voor deze column – aan dat ook de alpenandoorn en de bergandoorn (enigszins verwarrend dat er twee aparte soorten zijn, want alpen zijn bergen) in Nederland en België voorkomen. De bosandoorn heb ik in mijn tuin staan, wat ik met gepaste trots vermeld. Evenals de betonie trouwens, een naaste verwant van de andoorn. Mocht u wat zaad willen van deze prachtige bloeiers dan stel ik dat om niet beschiktbaar. Maar die twee tellen hier niet mee, want in deze column hebben we het uitsluitend over planten die ik langs de Vaart aantref. Zo heb ik ten bewijze van zijn voorkomen langs de Vaart de andoorn op een foto kunnen vastleggen. De bloemen hebben een mooi zacht paarse kleur. En de bladeren staan paarsgewijs tegenover elkaar. Een toonbeeld van orde en symmetrie! De bladen van de andoorn werden in het verleden medicinaal gebruikt voor behandeling van sneden vanwege zijn ontsmettende werking. De wortel werd gebruikt bij kneuzingen. De andoorn wordt bezocht door bijen, hommels en vlinders om zijn nectar zowel als zijn stuifmeel. Kortom: een wonder van de natuur!
Guldenroede
De guldenroede (solidago) bloeit tot laat in het jaar, geloof het of niet, ook langs onze Vaart. De guldenroede is populair als waardplant – dat wil zeggen dat er eitjes op afgezet worden – ook voor insecten die plaagdieren (andere insekten) bestrijden. Nu is een plaagdier een rekkelijke aanduiding (zoals veel aanduidingen dat zijn trouwens, althans bij nadere beschouwing ): wat voor de een als zegen geldt, geldt voor de ander als plaag. De bloemen van de guldenroede bevatten veel nectar. De planten worden dan ook door veel soorten insecten bezocht. Ook zijn er medische toepassing (o.a. bij nieraandoeningen). Uitvinder Thomas Edison experimenteerde ooit met de guldenroede als bron voor rubber. Dit is niet echt wat geworden, ondanks dat hij een variant wist te kweken die 12% rubber van goede kwaliteit bevatte. Guldenroede is recentelijk benoemd tot staatsbloem van South Carolina. Kentucky en Nebraska gingen South Carolina voor. Ook was de guldenroede even de staatsbloem in Alabama, maar daar gaven ze uiteindelijk de voorkeur aan de camelia. Ook mooi zullen we maar zeggen. Maar het roept wel een vraag op, namelijk wat is de dorpsbloem van de Smildes? Wie het weet mag het zeggen. Of doe anders een voorstel via duurzaambovensmilde@gmail.com.
Paddestoelen
Het is herfst, dus tijd voor de paddenstoel. Ook langs de Vaart tref je vele soorten aan. Volgens de Nederlandse Myocologische Vereniging – de paddenstoelenclub in gewoon Nederlands – is er sprake van een trend die alles te maken heeft met warme, natte zomers. Door de klimaatverandering – wie twijfelt er nog aan? – zullen er in augustus en september steeds meer kleurige paddenstoelen te zien zijn. In Nederland duiken steeds meer soorten boleten op. Boleten zijn vlezige zwammen die aan de onderkant van de hoed duidelijke buisjes hebben. Uit deze buisjes komen bij volwassen paddenstoelen de spore. Veel boleten groeien in symbiose met bomen, ze vormen een soort schimmelwortel. Deze “schimmelwortel” beschermt de boom en zorgt voor de wateraanvoer voor de boom. De paddenstoel zelf onttrekt aan de boom weer suikers en zetmeel om te groeien. Veel boletensoorten zijn dan ook te vinden in de buurt van bomen. De foto betreft een eetbare soort boleet: het welbekende eekhoorntjesbrood. Voor de duidelijkheid: u krijgt geen garanties en eten van dit exemplaar is geheel voor eigen risico. Wilt u meer te weten komen over deze bijzondere plantensoort? Op 29 oktober organiseert CRAS ism de bibliotheek een lezing over paddenstoelen. Meer info via www.cultureleraadsmilde.nl: u kunt hier en ook via de bibliotheek reserveren.
Kattenstaart
Wat we de laatste jaren ook weer mogen bewonderen langs onze vaart: de kattenstaart. Waar de naam van deze mooie paarsrode plant die lang bloeit – van eind juni tot in september – vandaan komt kan men zich bij sommige exemplaren goed indenken: de vele lange (schijn-)aren kronkelen dan wild als een kattenstaart. Je vindt hem in de wal van vaart en sloot. De stengel is vierkant en het kruisgewijs groeiende blad doet denken aan wilgeblad. De kattenstaart is waardplant voor de kattenstaartdikpootbij: we mogen zonder meer aannemen dat die bij erg verguld is met de terugkeer van de kattenstaart. Het boomblauwtje legt haar eitjes op de kattenstaart. De plant is nectarplant voor de grote vuurvlinder. Ik vraag me af of deze insekten hier nog voorkomen: zou een lezer deze insekten wel eens hebben gezien langs de Vaart (reageer aub naar duurzaambovensmilde@gmail.com)?
Deze plant bevat verder tanine (looizuur) en werd gebruikt in de leerlooijerij. Het wortelsap leent zich voor het (rood) verven van wol. De lijst van medische toepassingen is weer tevreden stemmend lang. Maar ik was al – net als de eerdergenoemde bij – meer dan tevreden vanwege de prachtige, ontelbare paarsrode bloemen.
Teunisbloem
De teunisbloem zie je de laatste jaren gelukkig weer vaker met zijn grote gele bloemen. De botanische naam is oenothera. ‘Oeno’ betekent ezel en ‘thera’ vanger in het oudgrieks. Ik vermoed dat onze woord ‘oen’ verwant is aan ‘oeno’. De Nederlandse naam teunisbloem is afgeleid van Sint Antonius van Padua, vanwege de bloei rond diens naamdag. Hij bloeit zeer uitbundig. Bij het openen pompen de gele bloemblaadjes van de teunisbloem zich vol met water. Dat gebeurt in enkele minuten. Hoe warmer het is, hoe sneller het gaat. De bloem die open zijn gegaan verwelken binnen een dag en daarna gaan er ’s avonds al weer nieuwe open. En dat van augustus tot in oktober! Nachtactieve insecten bestuiven de teunisbloem. Van het zaad wordt een kostbare olie (met 14% onverzadigde vetzuren) gewonnen, die medische toepassingen kent (met name bij huidklachten). De bladeren van verschillende soorten zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog wel gebruikt als vervanging voor tabak. Ik hoop dat een Smildeger dat kan bevestigen: stuur gerust een mailtje! Deze plant is een aanwinst voor de Vaart. En in jullie tuin(-reservaat): een wat wildere tuin is beter voor insekten dan een ‘nette’, strakke tuin met veel tuincentrumplanten. Kortom: zet een teunisbloem in je tuin!
Jacobskruiskruid 2
Als je de hoeveelheid jacobskruiskruid in velden en langs wegen & vaarten beziet, dan zou je kunnen gaan denken dat bij onze overheid eindelijk de wanverhouding tussen kosten enerzijds en noodzaak anderzijds beseft. Echter, er is iets anders aan de hand. Maaien – de belangrijkste bestrijdingmethode – is niet erg effectief bij deze plant. Door maaien wordt de levensduur van de plant verlengd en de zaadvorming slechts een beetje vertraagd. De enige effectieve bestrijding vereist met wortel en al verwijderen. Er mag geen stukje wortel blijven zitten. Dat kennen we van zevenblad, kruipende boterbloem en heermoes. De slotsom is duidelijk: bestrijding is heel moeilijk, al gauw verspilling van energie en geld. Dat doet mij denken aan een diepzinnig verhaal uit de mohammedaanse literatuur. Het gaat over de paardebloem: ene Nashrudin had die overvloedig in zijn tuin staan. Hij bestreed de paardebloem, maar niets hielp. Iedere keer stak er wel weer een exemplaar ergens zijn gele kop op. Hij ging te rade bij een tuinman. Die raadde hem aan elk exemplaar met wortel en al te verwijderen. Maar dat had Nashrudin al geprobeerd. Uiteindelijk kwam Nashrudin terecht bij de opperste hoftuinman, zoals bekend de wijste in het hele land. Die vroeg wat Nashrudin allemaal al had geprobeerd. De opperste hoftuinman gaf na de opsomming het volgende advies: dan zul je de paardenbloem moeten leren liefhebben. Wat daarbij misschien kan helpen in het geval van jacobskruiskruid is de wetenschap dat jakobskruiskruid een belangrijke bron is van nectar en stuifmeel. Zo’n 150 insectensoorten maken er gebruik van, waaronder veel bijen, zweefvliegen en vlinders.
Jacobskruiskruid 1
Jacobskruiskruid – ook aangetroffen langs onze Vaart – wordt zeer intensief bestreden door o.a. de provincie. Het is giftig voor paarden en koeien (en ook voor mensen trouwens, daarentegen niet zozeer voor schapen). Of de gevolgen voor het vee nu echt zo erg zijn valt wel te betwijfelen. Dat een hapje al dodelijk is, is een fabel. Ik las over een promotie-onderzoek – enkele jaren gelden al weer verschenen – aan de landbouw universiteit van Wageningen naar dit ene plantje. De promovenda had uitgezocht hoeveel paarden en kooien er nu welgeteld gestorven waren aan dit kruid. Welgeteld kwam zij tot 3 dode stuks vee (of 3 stuks dood vee?). Achteraf viel daarbij een andere doodsoorzaak niet volledig uit te sluiten. De promovenda zette mede om deze bevinding vraagtekens bij de enorme bestrijdingsinspanning van de provincie en gemeenten met alle kosten van dien.
Ter vergelijking: door de auto stierven in 2013 570 mensen. Dat sterftecijfer heeft geen enkel effect op de populariteit van autorijden. In het licht hiervan: mij komt het voor dat de flinke inspanning die de overheid levert om een plantje te bestrijden verspilzuchtig is, maar op zijn minst nogal raadselachtig gegeven de aangerichte schade tot op heden. Misschien is het beter de sigaret te verbieden? Dat zou pas levens sparen. Naar aanleiding van jacobskruiskruid is zoveel te verhalen, dat ook de volgende column geheel gewijd is aan deze giftige maar ook nuttige plant.
Beemdkroon
Eerder schreef ik dat ik de blauwe knoop had aangetroffen langs onze Vaart. Tot mijn spijt en schande moet ik ruiterlijk bekennen dat ik het totaal mis had. Ik ben er zelf gelukkig achter gekomen. Hoe, zo vraagt u zich misschien af? Men kan tenslotte altijd veel leren van de fouten die anderen ontdekken zelf gemaakt te hebben. Wel, ik trof de blauwe knoop ergens anders aan, op het Hijkerveld. Deze plant is totaal verdwenen uit de Smildes. Wat je nog wel kunt aantreffen is het zandblauwtje (ook mooi!), die lijkt er een beetje op, is echter niet verwant aan de blauwe knoop. Wat was het dan wel wat ik gezien heb? Het betreft de beemdkroon (knautia). Zowel blad als kleur zijn verschillend van de blauwe knoop, het is ook geen familie van elkaar, dus mijn fout is echt het gevolg van grove en blaamtreffende onzorgvuldigheid. Ik bied mijn nederigste verontschuldigingen aan voor deze fout: het op het verkeerde been zetten van anderen is geen sinecure en moet vermeden worden (tenzij men humor beoefend). Hoe erg ik – amateur – het ook betreur, het zal niet de laatste fout zijn die ik maak. In tussen blijf ik vervuld van hoop op de terugkeer van de blauwe knoop aan de Vaart.
Echte kamille
In de laatste aflevering van Levend Verleden van de Historische Vereniging (nummer 2-2014) staat een bijdrage van de hand van Sjoerd Post wordt gemeld dat veel inwoners van Smilde in de 19de eeuw verdronken in onze vaart. Dat mag zo zijn, tegenwoordig valt dat gelukkig wel mee. En er is veel moois te bewonderen langs onze vaart. Bijvoorbeeld echte kamille (Chamomilla recutita) is een plant die van alle geneeskruiden door de wetenschap het meest zorgvuldig is onderzocht. De werking is enorm veelzijdig. Het kruid is vooral werkzaam op het spijsverteringsstelsel, specifiek bij maag- en darmklachten. Ook op de huid heeft kamille een ontstekingsremmende en wondhelende werking. De plant stimuleert de huidstofwisseling (o.a. bewezen in (jammer genoeg) dierproeven) en verzacht ontstekingen in de mondholte. Kamille is efficiënt bij ontstekingen van de luchtwegen en in de omgeving van de anus en de vagina. Verder heeft het kruid een kalmerend effect op het centrale zenuwstelsel.De oude Egyptenaren gebruikten al Kamille en nog altijd kweekt men in Egypte veel Kamille voor eigen gebruik en voor de export. Griekse artsen schreven kamille toen voor bij koorts en vrouwenziekten. Ik zeg maar meteen dat de echte kamille vaak verward wordt met de roomse. De roomse – die in de winter groen blijft – wordt wat hoger. Ik denk dat we hier met de roomse te maken hebben. Maar die is wel wat zeldzamer dan de echte. Ook is het voorkomen hier – een echte gereformeerde streek – niet erg waarschijnlijk. Neem gerust een paar bloemhoofdjes (zowel de roomse als de echte zijn geschikt) van dit geschenk van de natuur en giet er wat heet water op voor een rustgevende thee.
Let op: de heide bloeit langs de Vaart, met name aan de stille kant goed te zien. Fijne neuzen kunnen de bloeiende heide al ruiken!
Lathyrus
Voederwikke is een geslacht uit de vlinderbloemenfamilie. Het voelt zich goed thuis langs onze Vaart. Zoals de naam al zegt wordt dit gebruikt als veevoer. Ook wordt het gebruikt als een groenbemester. De zaden worden vaak gebruikt in vogelvoer.Het is ook goed te gebruiken om compost van te maken. Kortom: een nuttige plantje, dat er ook nog leuk uitziet. Wikke is nauw verwant aan lathyrus. De naam ‘wikke’ verwijst naar de gewoonte van deze planten zich om andere planten te ‘wikkelen’. Ook voor de mens zijn er varianten, meer specifiek de tuinboon (Vicia faba) die al zeer lang verbouwd wordt voor de menselijke consumptie. Het is de enige eetbare boon die van nature voorkomt in de Oude Wereld. Maar snel het zijpad weer verlatend terug naar de hoofdvaart en de wikke. De bloemen worden bestoven door Hymenoptera. En dat zijn o.a. bijen en hommels. Soms ziet het paars van de wikke langs de Vaart. Ook nu zie je de vogelwikke boeien.
Valeriaan
Nu in bloei , zelfs al aan het uitbloeien, langs sloten en vaarten: – ja hoor, ook langs onze eigen Drentse Hoofdvaart- de valeriaan (Valeriana officinalis). Dit is een kruidachtige plant uit de kamperfoeliefamilie (Caprifoliaceae). Valeriaan is een bekende plant binnen de kruidengeneeskunde. Extracten van deze plant (de wortel) kunnen effectief zijn bij slapeloosheid. Bij de Oude Grieken en Romeinen werd valeriaan als krampstillend middel gebruikt. De resultaten van onderzoeken die de werkzaamheid van valeriaanextracten onderzochten zijn niet eenduidig over de effecten op de slaap; er lijkt een (verkortend) effect op de tijdsduur die het kost om in slaap te vallen. De veronderstelde rustgevende werking werd voor het eerst in de 18e eeuw beschreven. En als kalmeringsmiddel wordt het ook heden ten dage nog gebruikt.
Het volgende is een eenduidig en onomstreden feit: echte valeriaan is waardplant voor de vlinders als Depressaria pulcherrimella, Pandemis dumetana (breek uw tong niet!) en de – eindelijk een vlinder met een Hollandse naam – woudparelmoervlinder. Met zulke gasten kun je toch niet anders dan van valeriaan houden? De provincie heeft ons laten weten dat ze minder gaan maaien aan de Vaart, meer specifiek de taluds slechts 1 x per jaar gaan maaien en wel na het bloeiseizoen. De vlakke delen – direct grenzend aan het asfalt – worden wel volgens het normale schema gemaaid. En de meeste valerianen staan in het talud: we zullen er dus nog lang van kunnen genieten! Het is misschien slechts een kleine stap op weg naar versterking van de biodiversiteit langs de Vaart,maar wie het kleine niet eert, is het grote niet weert
Gele lis
De gele lis (Iris pseudacorus) is een plant uit de lissenfamilie (Iridaceae). De gele lis is niet alleen langs onze sloten te bewonderen maar ook in verheugend toenemende aantallen langs de Vaart. Dit is immers een goed teken: het geeft aan dat de kwaliteit van ons water beter wordt. Sinds de waterwet uit 1975 werd fosfaatvrij de norm voor wasmiddelen. En dat ten voordele van de prachtige gele lis. En – oh hoe mooi werkt de natuur – de gele lissen zijn zeer nuttig voor die zelfde waterkwaliteit: ze nemen van alles uit het water op en werken net als riet als waterzuiveraar. Ze zijn zeer geschikt voor helofytenfilters, waterzuiveringsveldjes van waterplanten. Je snapt niet dat het Waterschap deze plant – die hen toch helpt bij een van zijn taken, nl water zuiveren – zo driftig en drastisch uit de slootwallen schraapt. En dat voor het zaad heeft kunnen rijpen, laat staan zich verspreiden.
Ik verwacht dat u zich beter kunt inleven in mijn verontwaardiging kunnen inleven als u de bloem van de gele lis eens wat nader bekijkt: dan ziet u hoe ingewikkeld maar mooi deze is. Het bewijs dat ware schoonheid zich niet uitsluitend kenmerkt door eenvoud. Het oog wil ook wat en wellicht geeft dat de doorslag voor bijen en hommels om toch de moeite te nemen van de nectar van deze bloem – die vrij diep is weggestopt – te sippen.
Zuring
Zuring (Rumex) is een geslacht van overblijvende, kruidachtige planten uit de duizendknoopfamilie (Polygonaceae). De ongeveer tweehonderd soorten komen van nature voornamelijk voor in de gematigde streken van het noordelijk halfrond – waar we ook De Smildes vinden. Langs de Vaart trof ik er een schamele 4 van de 200 aan: waterzuring, (grote) ridderzuring, krulzuring en in overvloed de veldzuring. Ik denk dat de schapenzuring er ook wel staat maar dat ik die – nietig als hij is – over het hoofd heb gezien. Op de foto ziet u waterzuring met als toegift wat veldlathyrus. Over veldlathyrus kom ik zeker nog te spreken in een van de volgende bijdragen. Wist u dat veldzuring echt heel mooi en lang (even de stengel aan de onderkant branden) staat op een vaasje bijv. gecombineerd met en paar van de even overvloedige mooie grashalmen en één (dan blijven er genoeg langs de Vaart te bewonderen voor anderen) margriet! Zuring groeit meestal op zure grond. Dat valt misschien te verwachten gezien de naam, maar verwachtingen komen vaak niet uit als het om plantennamen – en ook de rest – gaat. Sommige soorten, waaronder de veldzuring, hebben eetbare bladeren die in salades gebruikt worden. Ook vormt veldzuring het hoofdbestanddeel van ‘paling in ’t groen’. Dit roept de vraag op aan een visser: zit er paling in de Vaart? (reactie naar info@duurzaambovensmilde.nl ). Ik ben vegetariër, dus dit is geen ‘gehengel’ naar een gratis paling. De veldzuring is in ieder geval al overvloedig aanwezig! Deze plant wordt niet alleen door mensen gegeten maar ook door een nietig wezen dat wij gewoon zijn te negeren: de zuringwants (Coreus marginatus). Die is natuurlijk zeer verguld met de overvloed, die ik hem van harte gun!
Sterhyacint?
Ik zegde u een bijdrage toe over een exoot – zeg maar een immigrant – die ik aantrof langs de Vaart. Ook een teken dat De Smildes niet ontkomen aan de globalisering. Sterhyacint (scilla) is een bolgewas. Wellicht heeft een echte bermbloemliefhebber hem langs de Vaart gezet met als leidende gedachte: de wereld mooier maken begint met iets kleins. Mijn (onze?) dank daarvoor! De naam van de ‘guerrillatuinier’ – zoals ik mezelf overigens ook aanduid – die deze exoot heeft geplant is mij door puur toeval bekend geworden! Een extract van deze plant wordt samen met ethanol gebruikt als onderdeel van hoestsiroop en bij hartoperaties. De plaatsing van het geslacht is nogal aan wijziging onderhevig geweest. Zo rekende de 1996 editie van de Heukels’ Flora van Nederland het geslacht tot de leliefamilie, maar vanaf 2003 is het geplaatst in de hyacintenfamilie of in de aspergefamilie (bron wikipedia). Ik vermeld dit feit om een bepaalde reden. Ik voel namelijk meer twijfel bij het etiketteren van planten dan ik altijd tot uitdrukking breng in deze column. Een gedachte die mij nog meer geruststelt is verder, dat een echte deskundige mij ongetwijfeld zal corrigeren. Voel u vrij dat te doen! De hiervoor genoemde guerrillatuinier denkt vast dat het mooie plantje dat onderwerp is van deze column iets anders is dan een sterhyacint.
Reacties naar duurzaambovensmilde@gmail.com ovv ‘column’.
De blauwe knoop (abusievelijk)
Ik zag tot mijn grote vreugde en verrassing langs de Vaart op een onbewaakt moment een blauwe knoop (scabiosa succisa). Scabiosa is de latijnse benaming voor schurft. Die naam verwijst naar de schubachtige bloeiwijze. Nu had ik al gehoord van een oud-smildeger dat het langs de Vaart vroeger (alles mooier?) blauw zag van de knoop. Maar van dat blauw is weinig meer te zien. De soort staat dan ook op de Nederlandse Rode lijst van planten die eerst veel voorkwamen maar sterk afgenomen zijn. Maar staat gelukkig dus ook weer langs onze Vaart. Vroeger veel meer, maar geen gezeur: hij staat er weer!! De plant is een oud geneeskruid en wordt daarnaast gerekend tot de zogenaamde afweerkruiden. Het zou afweer bieden tegen hekserij. Volgens een oude sage zou de duivel woedend zijn geweest over de geneeskrachtige eigenschappen van de plant en een stuk van de wortelstok hebben afgebeten. De Engelse naam ‘devil’s-bit’ verwijst naar deze sage. Het waarheidsgehalte van deze sage wint verder aan geloofwaardigheid door de ietwat ongewone vorm van de wortelstok: alsof er een hap uitgenomen is. Tot slot, het kan niet op: de bloem wordt veel door vlinders bezocht. (bron wikipedia). Al met al een positief bericht voor de biodiversiteit! Volgende week behandel ik in deze column een mooie exoot die ik aantrof langs de Vaart. De naam van de guerillatuinier die deze exoot heeft geplant is bij mij bekend!
Gele waterkers
Deze keer aandacht voor een plant die het in De Smildes langs de Vaart (maar ook bij mij in de tuin) goed doet: de gele waterkers (rorippa amphibia). Mij is verteld dat dit ook wel ‘smildeger roet’ genoemd wordt. Misschien kan een ‘echte smildeger’ dit bevestigen of juist naar het rijk der fantasie verwijzen? Gedijt op natte, voedselrijke grond, het meest op rivierklei en laagveen. De wortel kan in het voorjaar als radijs gebruikt worden. In het verleden werd het ook wel ingezameld door apothekers vanwege de overeenkomst qua smaak met ‘peperkruid’. Het zaad heeft veel overeenkomst met zwarte mosterd. Waarom de geelbloeiende hier zoveel voorkomt en de witbloeiende niet, is mij geheel onduidelijk. Wellicht kan een lezer – een echte deskundige – dit raadsel oplossen?
Uit de bloemen trekken de bijen en hommels veel honing. Met name bijen hebben het erg moeilijk. In de eerste plaats vanwege landbouwgif, met name de bij landbouwers populaire neonicotinoiden. Maar ook vanwege een voorkeur van groenbeheerders en sommige smildegers voor saai kortgras. Ik snap niet dat zij een gevarieerde kruiden en bloemen berm niet mooi vinden. Misschien helpt het als men weet dat het voor bijen en hommels belangrijk is dat bermen vol staan met veel kruiden en bloemen.
Natuurwaarde van de berm
De Smildes en zijn inwoners zijn historisch verbonden, zo niet vergroeid met de Drentse Hoofdvaart. Vroeger was het een belangrijke vaarweg voor de economie van onze streek. Nu is het belangrijk voor de recreatieve vaart. In deze column willen we lezers wijzen op de groei en bloei langs de Vaart. Gemeente en Provincie realiseren zich in toenemende mate dat kortgemaaide, strakgroene grasbermen minder aantrekkelijk is voor inwoners en recreanten. Andere beheersvarianten doen hun intrede. Zo krijgen we een zeer aantrekkelijke en kleurige bermbegroeiing. Maar ook voor o.a. bijen, hommels en vlinders is een bloem- en soorten rijke berm gunstig. We zullen in komende bijdragen – gedurende de lente, zomer en begin herfst – enkele meer zeldzame plantensoorten belichten die in de bermen aan weerszijden van de Vaart groeien en bloeien.
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s